Home Kwaliteitsbeeld 2025 MIC-meldingen

MIC-meldingen

- Kwaliteitsbeeld 2025 Bethanië - 

 

Afhandeling van de MIC-meldingen

Incidenten worden per situatie direct afgehandeld. Afhankelijk van het incident gebeurt dat in de meeste gevallen door degene die het incident ontdekt en meldt in Pluriform. Als de veroorzaker van het incident bekend is, wordt de veroorzaker gevraagd het incident toe te lichten. Het incident komt via een alert bij de evv’er van de bewoner in beeld en de evv’er stelt zich hiervan op de hoogte. De leidinggevende van de afdeling ontvangt ook alle meldingen via Pluriform.
Alle MIC-meldingen van een afdeling worden elk kwartaal op grote lijnen in een teamoverleg besproken om samen tot verbetervoorstellen te komen. Het gesprek hierover wordt geïnitieerd door een medewerker van de betreffende afdeling die ook zitting heeft in de MIC-commissie. Deze medewerker draagt zorg voor een analyse op bijvoorbeeld de criteria tijdstippen van de incidenten, bij hoeveel bewoners de incidenten hebben plaatsgevonden, of de meldingen plaatsvinden bij bewoners met een geaccepteerd risico, etc. Deze analyse vormt de basis voor het gesprek in het team. We constateren dat er een veilige meldcultuur is en dat willen we graag behouden. In 2025 is een nieuw format voor analyse gemaakt voor de MIC-commissieleden. Waaruit duidelijker naar voren komt wat er naar aanleiding van de meldingen is gedaan op het niveau van de cliënt/bewoner, de afdeling of de organisatie en welke verbetermogelijkheden er zijn of welke verbeteringen zijn aangebracht.
 

MIC-commissie

De MIC-commissie komt elk kwartaal bij elkaar. De MIC-commissieleden bespreken de analyses die door de deelnemers zijn gemaakt en bespreken de opvallende zaken die mogelijk organisatiebreed opgepakt kunnen worden. Zij dragen zorg voor goede en duidelijke processen met betrekking tot melden, afhandeling en mogelijkheden tot leren en verbeteren. De MIC-commissie heeft jaarlijks een overleg met de SO en de apotheker om de incidentmeldingen van het afgelopen jaar die betrekking hebben op medicatiegebruik te bespreken. 
 

Geaccepteerde (val)risico’s

Met het oog op kwaliteit van leven, kan het wenselijk zijn om risico’s te accepteren. In het kader van vrijheid en veiligheid is dit zelfs steeds meer aan de orde. Geaccepteerde risico’s zijn terug te vinden in het cliëntplan, nadat de afwegingen besproken zijn met medici, de behandelaren en met zoveel mogelijk de bewoner/cliënt zelf en met en door betrokkenen. 
Het is belangrijk om dit mee te nemen in de weging van het aantal meldingen, bijvoorbeeld bij het wegen van het aantal valincidenten of de meldingen van ‘Bewoner/cliënt uit beeld’. 
Voor een groot deel van 2025 kozen we ervoor om, ook als er incidenten zijn die plaatsvinden bij een bewoner of cliënt met een geaccepteerd risico en die in lijn liggen met dat risico, deze toch te melden. 
 

Vernieuwde procedures (conceptfase) in 2025

In de vernieuwde procedures is meer aandacht voor het nut van melden. We hebben voor ogen dat het melden van een incident of gevaarlijke situatie via een officiële incidentmelding alleen nuttig is als we er iets van kunnen leren in onze zorg- en dienstverlening op cliënt(systeem), afdeling- of organisatieniveau. Anders kan het vastleggen van een incident of gevaarlijke situatie middels een notitie in het dossier voldoende zijn. Daarbij hebben we meegenomen dat incidentmeldingen bij cliënten met geaccepteerde (val)risico’s alleen worden gedaan als we er, ondanks het geaccepteerde risico, toch iets van kunnen leren. 
Met deze vernieuwde procedures (conceptfase) gaan we in 2026 verder aan de slag.
 

Afname van incidenten

We zien ten opzichte van 2024 een afname van alles soorten incidenten. De opvallendste afname is te zien bij val-, afweer/agressie- en medicatie-incidenten.
 
Valincidenten
De daling in het aantal valincidenten wordt met name gezien bij de Bosrand, het hospice, de thuiszorg en Willinkhuizen. Deze daling is te verklaring doordat in 2024 meer bewoners (met valgevaar) onrustig waren (Willinkhuizen).
Bij het hospice wordt geconstateerd dat cliënten vaker in bedlegerige toestand binnenkomen. In de thuiszorg zijn 2 cliënten die heel vaak vielen overleden. Ook is er een terugloop in het aantal cliënten met VPT ten opzichte van 2024. Dit zou de daling van de MIC-meldingen van de thuiszorg ook kunnen verklaren. 
Een stijging van het aantal valincidenten zien we bij de dagbestedingen. Deze stijging is te verklaren doordat er meer cliënten zijn met een hoog valrisico en een achteruitgaande conditie en cognitie. Hulpmiddelen worden, ondanks stimulans door medewerkers, niet altijd gebruikt.  
 
Medicatie-incidenten
De daling van het aantal medicatie-incidenten valt met name op bij het hospice en het Heidepark. 
Bij het hospice is bewust aandacht geweest voor secuur werken rondom medicatie. Bij het Heidepark denkt de VS actief mee op welk moment de medicatiewijziging doorgevoerd wordt, bij voorkeur bij een nieuwe baxterrol. 
In Wicherumloo zien we dat het aantal medicatie-incidenten in het vierde kwartaal gehalveerd is ten opzichte van het derde kwartaal; hieraan heeft bijgedragen dat Medimo op de telefoons is geïnstalleerd. 
 
Afweer/agressie-incidenten
We zien ook een afname in het aantal gemelde afweer/agressie-incidenten. Deze daling wordt vooral gezien op het Heidepark en de Bosrand. Het meedenken van de psycholoog en het vaker inzetten van de prikkelbarometer heeft hieraan bijgedragen. Ook de VS denkt goed mee in de mogelijke relatie tussen afweer/agressie en medicijngebruik. 
Afweer/agressie-incidenten vonden plaats op de afdelingen met bewoners met dementie. Deze gedragsincidenten zijn dan ook in alle gevallen te verklaren door het ziektebeeld. De afweer/agressie-incidenten worden per situatie opgepakt. Dit gebeurt bijvoorbeeld door het houden van een omgangsoverleg, het starten van een observatie, het in kaart brengen van gedrag en/of betrokkenheid van de arts en/of psycholoog. Soms wordt de WZD ingezet. Ook de CCE wordt regelmatig gevraagd mee te denken. 
 

Een greep uit de verbetervoorstellen naar aanleiding van analyse

  • Op cliëntniveau wordt altijd gekeken hoe incident voorkomen had kunnen worden. Daarvoor worden bijvoorbeeld nieuwe afspraken gemaakt.
  • Als er nog geen sprake is van een geaccepteerd (val)risico, gaat men het gesprek hierover aan met de bewoner en de familie. 
  • Als medicatie niet naar behoren wordt ingenomen, wordt de medicatiecode gecheckt en besproken of die (nog) passend is.
  • Alert blijven op het voorkomen van obstakels (zoals schoeisel).
  • Inzetten van een medido (medicijndispenser).
  • Tijdelijk een briefje neerhangen bij betreffende cliënten die meerdere baxterzakjes per dag geopend moeten krijgen. 
  • Naar aanleiding van valincidenten waarbij letsel is ontstaan of waarbij sprake was van een val op het hoofd werden observatieperiodes ingezet.